Vega(n) island food

Nes beach** English below **

Te midden van een hele drukke periode – nakijkwerk van blok 1, het begin van een nieuw blok, nieuwe studenten, een nieuwe manier van lesgeven – gingen T en ik er een midweek tussenuit. Even uitwaaien op Ameland, afgesloten van de wereld. Dat we halverwege de week beiden ziek werden, heeft de pret niet heel erg gedrukt (al waren we het weekend erna allebei bekaf). We hebben nog steeds kunnen genieten van het landschap – strand, zee, duin, bos én polder, wat wil een mens nog meer? – en ook van het eten. Van te voren maakte ik me behoorlijk druk over dat laatste. Ik had een aantal menukaarten bekeken en was al snel tot de conclusie gekomen dat ‘vegetarisch’ in veel gevallen ‘heel veel kaas’ betekent. Nou is dan an sich niet erg, maar ik weet bijna zeker dat niet alle kaassoorten die ik ben tegengekomen ook daadwerkelijk vegetarisch zijn.

Hotel de Jong
Na onze aankomst op het eiland wilden we gaan lunchen bij De Herberg. Deze bleek echter dicht te zijn, net als de eerstvolgende restaurants – leuk, zo’n trip buiten het seizoen – maar gelukkig brandde er licht in de serre van Hotel de Jong. De vega keuzes waren hier niet reuze, maar er stond wel een veelbelovend broodje op de kaart waar eigenlijk spek bij hoorde (ik had natuurlijk soep kunnen kiezen, maar het werd me niet helemaal duidelijk welke soepen nu wel en welke niet met runderbouillon gemaakt waren). Gelukkig was het geen probleem om het broodje zónder spek te serveren, dus ik ging er voor. Het was een heel lekker broodje, daar kan ik niet omheen, maar ik vond het wel heel jammer om halverwege toch een stuk spek tegen te komen. Ik weet gelukkig zeker dat ik er niks van op heb, maar ik heb het bord aan de kant gezet en de bediening verteld dat ik niet zo blij was met deze actie. Dat laatste was echt een overwinning op mezelf: ik heb nog nooit geklaagd in een restaurant. Het ging niet zonder slag en stoot (ik was bijna aan het hyperventileren), maar ik heb er wat van gezegd. Puh. Wel jammer dat we geen kop thee van het huis aangeboden kregen; ik moest het doen met excuses en een niet geruststellende uitleg over hoe dit kon gebeuren.

Pumpkin soup Zee van TijdZee van Tijd
Ik had T beloofd om hem nog een keer ‘echt’ uit eten te nemen en dit leek me een goede keus. De website zag er veelbelovend uit en ook de eigenaren van het appartementje waar we zaten raadden het aan. Bij binnenkomst bleek meteen dat ik de juiste keus had gemaakt (mooi!) en ik durfde zelfs te vragen of het mogelijk was om een geheel plantaardige maaltijd te krijgen. Dat was mogelijk, dus ik kreeg als vooraf de pompoensoep zonder het gemberschuim (beetje jammer wel dat de pompoensoep onder ‘vegetarisch’ staat en dat je dan te horen krijgt dat er gelatine in het schuim zit, maar goed). Als hoofdgerecht kreeg ik de Mac Vega, met gegrilde aubergine, kerrie, een heel scala aan noten en een mandje met groentefrieten. De Oosterse knoflook dip die er bij zat was niet geheel plantaardig, dus voor mij werd er een sausje op basis van soja gemaakt. Het leuke aan eten in zo’n restaurant is niet alleen dat dit soort dingen veel makkelijker kunnen, maar het is ook vaak origineel en het ziet er nog leuk uit ook. We hebben beiden (ik zal hier niet vertellen wat T op heeft…) heerlijk gegeten.

MacVega Zee van TijdDe Herberg
Net als veel andere eetgelegenheden op Ameland heeft dit eetcafé wat ik een typisch toeristenmenu noem. Veel grote stukken vlees met hopen friet en mayo (als je van schnitzels, spareribs en T-Bone steaks houdt kan je hier je lol op). Er stonden echter een aantal vega opties op de kaart die ik nergens anders had gezien (lees: hier serveren ze zowaar gerechten zonder geitenkaas). Zo hadden ze een groentewrap met curry en een ‘beetje room’. Voor ik echter kon vragen of ze die ook zonder room konden serveren, viel mijn oog op de maaltijdsalade ‘Dwars door de groentetuin’. Deze zou ‘rijk gevuld’ moeten zijn met ‘alles wat gezond is’. Nu zijn er veel mensen die gerookte kip bijvoorbeeld heel gezond vinden, maar ik kreeg geruststellend te horen dat deze salade echt alleen groente bevatte, met een dressing van mosterd en gember (als ik het goed onthouden heb). Of de dressing ook geheel plantaardig was durf ik niet te zeggen (durfde ik ook niet meer te vragen), maar ze weten zeker hoe ze een salade moeten serveren. Er zat ook nog een stokbroodje bij, maar er zat zo veel sla (niet van die onzinnige ijsbergsla, maar het echte werk), paprika, tomaat, sperziebonen, ui en komkommer in dat ik daar bij lange na niet aan toekwam. Ik heb nog nooit zo vol gezeten van een bak sla🙂

Ik ben nog altijd huiverig om uit eten te gaan en te vragen om vega aanpassingen. Alleen in kwalitatief goede en service gerichte restaurants durf ik te vragen of het ook mogelijk is om geheel plantaardig te eten. Na veel semi-gelukte pogingen weet ik wel eindelijk hoe ik het moet vragen. Ik moet helemaal geen verhaal ophangen over of er wel of geen melk en dergelijke in een gerecht zitten en of dat er wellicht uitgehaald kan worden en of er veel of weinig in zit: ik moet gewoon vragen of iets geheel plantaardig is of gemaakt kan worden. Punt. Ze kijken je nog steeds raar aan, maar ze begrijpen wel meteen wat je wilt. Wat een educatieve vakantie.

Dunes at Nes** English **

In the middle of an extraordinarily busy period – grading from the first half of the semester, the beginning of the second half, new students, a new way of teaching – T and I treated ourselves to a mini-break. Going for some fresh air on Ameland, one of the Netherlands Wadden Islands, being cut off from the rest of the world. That we both got ill halfway through the week didn’t even ruin our trip (although we were exhausted the weekend after our return). We were still able to enjoy the landscape – beach, sea, dunes, forest and farm land, what more could you ask for? – and the food. I’m always worried about the latter, wherever we go. I had looked at a few menus before we left and I quickly realised that ‘vegetarian’ often means ‘lots and lots of cheese’. Although that isn’t necessarily a no-go for me (although it often is), I’m quite sure that most of the cheeses I found on those menus are far from being vegetarian.

Hotel de Jong
Where ‘sure, we can serve this without bacon’ actually means ‘sure, we can try but we can’t promise a piece of bacon won’t surface when you’re already halfway through your sandwich’. I did say something about it, which is a big thing for me! I never stand up for myself, and although I was nearly hyperventilating, I did this time and I got the apologies I wanted (we weren’t offered a free cup of tea, but hey).

Zee van Tijd
De place where I dared to ask for a plant-based meal. The only ‘awkward!’ moment I had was when the waiter told me that they could serve the pumpkin soup without the ginger foam, because the latter actually contained gelatin (the ‘awkward!’ happened because there is a ‘v’ on the menu, indicating that the soup is vegetarian… well… it’s only a bit of gelatin, no worries…). The soup was nevertheless delicious, and the chef made a soy-based dip for my also delicious main course (with grilled eggplant, curry, nuts, carrots, and veggie fries) instead of the garlic dip that was on the menu.

Zee van Tijd in NesDe Herberg
Although this restaurant had original (compared to the other restaurants on the island) vegetarian options (they don’t put goat cheese on everything), I was still a little afraid to eat there. It has a what I call typical tourist menu, meaning that it is mostly lots of meat (or fish) with heaps of fries and mayonnaise. I was going for the curry wrap with ‘a bit of cream’, when my eye fell on a salad called ‘Through the vegetable patch’, which contained ‘everything that is healthy’. Since a lot of people considered smoked chicken healthy, I had to ask, but I was reassured that the salad only contained vegetables. Whether the mustard ginger dressing was vegan, I couldn’t tell you (I didn’t want to ask, the poor kid…), but that they know how to serve veggies has become very clear. I have never had such a big bowl of salad put in front of me. It came with a complementary pain, but I never touched the bread (I didn’t even finish the salad). It was so chock full of lettuce (the real deal, not iceberg), green beans, tomatoes, cucumber, onion, paprika that I had to give up eventually. I tried to take a picture, but, confident that I would not be encountering memorable food (another lesson learned), I only brought my cell and the picture turned out much too dark.

I’m still afraid to go out for dinner (or lunch, for that matter) and ask for veggie options. Only in restaurants where the quality is high enough and the service is good, I dare to ask whether a fully plant-based meal is possible. After quite a few semi-successful attempts, I do finally know how to ask. I don’t need to start a conversation about how much milk or cheese or what have you is in what meal and whether it could be served without: I just need to ask if I can have a plant-based meal or whether something I want can be made fully plant-based. Period. They still give me the crazy eyes, but at least they understand immediately what I mean. What an educational holiday.

Hollum

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s